Titel: Beloftes én waarschuwingen van Jezus.

 

Voorwoord: De vraag; “wat zijn Zijn beloftes en waarschuwingen?”, brengt ons aan de voeten van Jezus, Hij alleen is onze leraar.

 

Waarom deze vraag, zeg je? Dat is om hen die op zoek zijn naar de kern van het evangelie, aan te zetten tot het bestuderen van de leefregels van onze Schepper, die onlosmakelijk zijn verbonden aan de belofte van het komende Koninkrijk. Vaak is er (nog) onvoldoende kennis van de eerste vijf Bijbelboeken, ook wel de Thora genoemd, waarin onze hemelse Vader bij monde van Mozes alle geboden en inzettingen aan Zijn volk, en ook aan ons, heeft kenbaar gemaakt. Het zijn deze leefregels waar Jezus op doelt in Mattheüs 7: 21. En ja, het is inderdaad Jezus die zegt; dat Hij je zonden wil vergeven en je een plek in het Koninkrijk der hemelen wil geven. We lezen Mattheüs 4: 17 Van toen aan heeft Jezus begonnen te prediken en te zeggen: Bekeert u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen.

 

Ook waarschuwt Jezus ons voor “Verkeerde keuzes”, bijvoorbeeld ontstaan door gebrek aan genoemde Bijbelkennis, waardoor menselijke interpretaties van een Bijbeltekst worden “overgenomen”. Het begint vaak met te “vergeten” wat de context over de tekst zegt. Wie echter alleen de evangeliën leest, zonder het diepe besef dat de geboden en inzettingen, zoals in de Thora vermeld, voor eeuwig gelden, die loopt risico de fout in te gaan, en zie dan de gevolgen zoals in Mattheüs 7: 21 staat beschreven, waarin Jezus zegt: Niet een iegelijk die tot Mij zegt: Heere, Heere! Zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen, maar die daar doet den wil Mijns Vaders, Die in de hemelen is.

 

Het zijn vaak de teksten uit de brieven in het nieuwe testament, die door kerkelijke stromingen worden gebruikt om “af te wijken” van wat onze hemelse Vader, in Zijn zoon Jezus, aan ons heeft kenbaar gemaakt. Besef echter wel, het is Jezus die voor onze zonden is gestorven, niet een Petrus of een Paulus, Jezus is onze leermeester, nee dat zijn niet mijn woorden, maar die van Jezus zelf, zie Mattheüs 23: 10 En gij zult niet meesters genoemd worden; want Eén is uw Meester, namelijk Christus.

 

Neem bijvoorbeeld Romeinen 14; daar staan een aantal passages die gretig worden gebruikt om Zijn Geboden en inzettingen “anders te interpreteren”, men denkt de waarheid aan hun zijde te hebben in het “uitleven van de vrijheid” in het al dan niet leven zoals onze Schepper dit heeft vastgelegd in Zijn geboden en inzettingen. Wanneer je echter dit hoofdstuk tot je neemt, dan merk je dat Paulus werd geconfronteerd met “vingerwijzen naar de ander” en hij de mensen erop wijst, te stoppen met het “oordelen op allerlei gronden” de kern van zijn betoog luidt als volgt; terwijl een iegelijk van ons zal voor zich zelven Gode rekenschap geven. (Vers 12)

 

Of neem het gebod van de besnijdenis, we lezen de reactie van Paulus Gal. 3:1  O gij uitzinnige Galaten, wie heeft u betoverd, dat gij der waarheid niet zoudt gehoorzaam zijn; denwelken Jezus Christus voor de ogen tevoren geschilderd is geweest, onder u gekruist zijnde. Galaten 5: 2 Zie, ik, Paulus, zeg u, zo gij u laat besnijden, dat Christus u niet nut zal zijn.  Zegt Paulus hier dat Onze Schepper met twee maten meet? Eerst wel al wat mannelijk is als teken te besnijden, evenals Gods eigen ZOON? Nee! Paulus reageert hier op de dwaalleer die tijdens zijn afwezigheid was verkondigd, zie wat er was gebeurd, we lezen Hand. 15:1  EN sommigen, die afgekomen waren van Judéa, leerden de broederen, zeggende: Indien gij niet besneden wordt naar de wijze van Mozes, zo kunt gij niet zalig worden.

 

Laten we beginnen met te constateren dat het houden van Zijn geboden en inzettingen de leefregels van ZIJN Koninkrijk zijn, en dat deze tot in eeuwigheid gelden, zie maar wat Jezus zegt: Mattheüs 5: 18 Want voorwaar zeg Ik u: Totdat de hemel en de aarde voorbijgaan, zal er niet één jota noch één tittel van de Wet voorbijgaan, totdat het alles zal zijn geschied. Wat Paulus hier zegt is; “steun niet op je werken. Je besnijdenis maakt je niet zalig, het is uit liefde en dankbaarheid, leven overeenkomstig de geboden en inzettingen van je Schepper, Hij zond Zijn Zoon om ons vrij te kopen.

 

Ten slotte nog een actueel voorbeeld. Neem Romeinen 14: 5 De een acht wel den enen dag boven den anderen dag, maar de ander acht al de dagen gelijk. Een iegelijk zij in zijn eigen gemoed ten volle verzekerd. (Hier lees je hoe ook in de tijd van Paulus, mensen de geboden en inzettingen van hun Schepper naar hun eigen goeddunken wilden inrichten.) Geeft Paulus hier de mensen dan de ruimte om Gods geboden te overtreden? Nee! Hij zegt; wees er ten volle van verzekerd! Hij dringt aan op gebed en bestudering van Zijn Woord! Laten we daarom de volgende woorden ter harte nemen, Jakobus schrijft het zo; Jakobus 4:12 Er is een enig Wetgever, Die behouden kan en verderven. Doch wie zijt gij, die een ander oordeelt?