Wanneer Jezus met Zijn discipelen spreekt over Zijn tweede komst, en hen heeft onderwezen over de gebeurtenissen en bedreigingen die eerst moeten plaatsvinden, noemt Hij één van de tekenen, zie Mattheüs 24: 37 En gelijk de dagen van Noach waren, alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen. 38) Want gelijk zij waren in de dagen voor den zondvloed, etende en drinkende, trouwende en ten huwelijk uitgevende, tot den dag toe in welken Noach in de ark ging; 39) En bekenden het niet, totdat de zondvloed kwam en hen allen wegnam: alzo zal ook zijn de toekomst van den Zoon des mensen.
Dat Zijn waarschuwingen nodig zijn, blijkt wel uit het gedrag van de Schriftgeleerden en Farizeeën, zij zijn immers zelfs blind voor wie Hij is, en dat terwijl de profeten en Johannes de Doper Hem hebben aangekondigd, en Hij wonderen en tekenen in hun midden deed. Wanneer ze Hem dan ook om een teken uit de hemel vragen, berispt Jezus hen, zie Mattheüs 16:2 Maar Hij antwoordde en zeide tot hen: Als het avond geworden is, zegt gij: Schoon weder, want de hemel is rood. 3) En des morgens: Heden onweder, want de hemel is droevig rood. Gij geveinsden, het aanschijn des hemels weet gij wel te onderscheiden, en kunt gij de tekenen der tijden niet onderscheiden?
Ondanks hun schijnheiligheid geeft Jezus hen in vers 4 een nieuwe kans, we lezen: Het boos en overspelig geslacht verzoekt een teken; en hun zal geen teken gegeven worden dan het teken van Jona, den profeet. En hen verlatende, ging Hij weg. Ook dit teken is door de geestelijke leiders van toen en nu, in de wind is geslagen, waarmee zij zich als vertegenwoordigers van Gods volk, buiten Gods koninkrijk hebben gesteld: zie Mattheüs 21: 43 Daarom zeg Ik ulieden, dat het Koninkrijk Gods van u zal weggenomen worden, en een volk gegeven dat zijn vruchten voortbrengt.
Jezus wijst Zijn volgelingen, in Mattheüs 24 er dan ook op, hoe te kijken naar de tijd waarin men leeft, Hij zegt in vers 32; En leert van den vijgenboom deze gelijkenis: Wanneer zijn tak nu teer wordt en de bladeren uitspruiten, zo weet gij dat de zomer nabij is. 33) Alzo ook gijlieden, wanneer gij al deze dingen zult zien, zo weet dat het nabij is, voor de deur.
Om de gelijkenis van Jezus te begrijpen, is het nodig een korte samenvatting van de ontwikkeling van de vijg te geven, deze wijkt namelijk af van een vruchtboom waar eerst bloemetjes aankomen. Bij de vijg zitten deze binnen in de bloemstengel, waarna er een bolletje zo groot als een knikker ontstaat, daarna volgt er een periode van stilstand, en vindt de ontwikkeling van de bladeren plaats, dát is het teken waar we volgens Jezus op moeten letten, dan volgt namelijk ook het snelle rijpingsproces van de vijg. Ofwel is Zijn komst nabij.
Nemen we deze signalen al waar? We leven immers in de tijd dat de vijg het stadium van een bolletje al heeft bereikt, het evangelie wordt/ is wereldwijd uitgerold. De ontwikkeling van de bladeren, zijn de tekenen der tijden zoals Jezus ons die heeft voorgehouden. Vergelijken we onze tijd, met die van Noach, dan zien bij een groot deel van de wereldbevolking, dat losbandigheid de boventoon voert, normen en waarden verdwijnen als sneeuw voor de zon, en er wordt onder de “gelovigen” op grote schaal afgeweken van Gods geboden en inzettingen, ja de mens meent zelf god te zijn. We zien de ontwikkeling van één wereldregering met het doel elk mens te willen controleren en sturen, het is als de toren van Babel. Vergeet ook niet het beeld van Nebukadnézar, specifiek de rijken aangeduid met de voeten en tenen van ijzer vermengt met leem, (Daniël 2: 41) we zitten er middenin.
En dan de volheid der heidenen waarover Paulus spreekt: Er zijn twee volheden te onderscheiden, de eerste “volheid”: Dit betreft het totaal van hen uit de heidenen, die hun Schepper hebben gediend overeenkomstig zijn geboden en inzetting. De tweede “volheid” heeft alle kenmerken van goddeloosheid uit van de dagen van Noach, zie hiervoor ook het boek 1 Henoch.
Hoe ontluisterend, ondanks dat alle geprofeteerde verschrikkingen om ons heen plaats vinden, leeft de overgrote meerderheid, ongestoord door. Zie wat Jezus ook zegt in Mattheüs 24: 41 Er zullen twee vrouwen malen in den molen, de ene zal aangenomen en de andere zal verlaten worden. 42) Waakt dan, want gij weet niet welke ure uw Heere komen zal. In vers 44 herhaald Jezus nogmaals Zijn oproep: Daarom, zijt ook gij bereid; want in welke ure gij het niet meent, zal de Zoon des mensen komen.
